“The Aussie Period”
Jo en Tini van Deurse
Ja ,het korte verblijf in Australië werd nog korter gemaakt, doordat André en Toos altijd nogal laat zijn. Wij maar wachten een hele dag lang op het station in Brisbane en toen kwam de aankondiging dat de trein de volgende dag zou aankomen. Dus die ene dag hebben ze dan gemist in Brisbane. Ja hoor ze arriveerden inderdaad de volgende dag. Ik geloof wel dat ze dachten dat er hier niet veel accommodatie was want André had een grote kerststal onder zijn arm plus alle andere bagage. Wat ons ook opviel was dat Toos een grote beer onder haar arm had. We dachten “slapen die niet bij elkaar?” Nou ja ’s lands wijs, ’s lands eer.
De eerste tijd waren ze bij ons op Kennedy Terrace in Paddington. Toen op zekere dag zagen we een advertentie in de krant staan: Huis te huur. André en Jo er op af. Eerst met de trein naar Woodridge, dat ging nog wel, ongeveer 2 uur. Na aankomst even vragen Waar het adres precies was. Nou U loopt hier maar rechtuit totdat je niet verder kunt en bij het hotel sla je links af en dan hoef je maar steeds rechtdoor te lopen, dan zie je aan het einde van de weg (bospad) het huis staan. Dus wij maar lopen. (We hebben allemaal wel eens van een stief kwartiertje gehoord maar dat is alleen in Nederland hoor. We liepen zo’n 2 à 3 uur dwars door de “bush” heen en ja hoor daar stond het huis. Wij gauw op de deur geklopt, want we wilden graag even zitten om onze blarende voeten wat rust te geven. Had je gedroomd. De deur ging eindelijk open. “Yes, what do you want?” ” U had een advertentie in de krant gezet! “Sorry mate, house has been let early this morning!”. Wij vroegen ons af wat vroeg was, Want dan hadden wij de dag tevoren moeten vertrekken. Maar dat kon ook weer niet want toen stond die advertentie nog niet in de krant. Enfin, We zongen naar even van “houdt er de moed maar in” en gingen met “frisse” moed maar weer terug naar het station, weer dwárs door die rimboe. Het begon al te schemeren en we zagen overal glinsterende ogen en toen plotseling het janken van die wilde honden (Dingoes). Ik weet niet meer of onze broeken nog schoon waren, maar we pikten allebei een aardige stok op, want ja je kan niet weten. Lekker afgepeigerd kwamen we dan weer bij het station in Woodridge aan waar de tweede en laatste trein van de dag naar Brisbane op vertrek stond. Was dat even een mazzel. Anders hadden we weer moeten gaan tippelen.
Naderhand kregen ze een huis en toen ze zo’n beetje ingeburgerd Waren ging André nog wel eens bij vrienden op visite. De eerste keer toen hij thuis kwam was het hommeles. Nou dacht André dat gebeurd me geen tweede keer dat ik zo laat thuis kom. Maar ja, in die tijd hadden ze nog geen horloges die afliepen, dus nam André de wekker maar mee op stap. Je kent ze nog wel, die heer1jke grote ronde dingen met een klokkenspel er bovenop. We hebben er niets meer over gehoord, maar we geloven wel dat al z’n broekzakken uitgescheurd waren . Toos zat tenminste vaak broeken te verstellen als we op visite kwamen. De tijd dat ze in Australië waren was eigenlijk niet lang genoeg om er veel over te schrijven.
Dus dit is het einde van de “Kangeroo Period” .
Jo
Tini