25-11

De kweekschool en verder

Riet Haver

Jaren geleden, het zal 1951 geweest zijn, zat ik in de 2e klas van de P.A. (kweekschool). In de loop van dat jaar kregen we opdracht om werkstukken te maken, dat is een uitgewerkt onderwerp van een of ander vak. Ik koos geschiedenis: het. ontstaan van het Romeinse Keizerrijk. Ik zat in een leegstaande klas, te zoeken in boeken, te zuchten en te steunen. Ik wist niet hoe het moest, kon niets vinden en zei allemaal lelijke woorden aan het adres van degene die het me opgaf. Intussen waren er een paar meisjes binnen gekomen van hogere klassen, die ik amper kende. In eens komt er een meisje naar me toe notabene van twee klassen hoger, (die zich eigenlijk nooit met ‘die kleintjes” bemoeiden, ik was niet zo’n ” kleintje” ik was pas laat op school gekomen, zij was zelfs 4 jaar jonger!). Ze vroeg “wat heb je toch, je bent zo kwaad” . Ik legde het geval uit en wat gebeurde er? Ze zegt “dát onderwerp, nou, neem dit boek eens, kijk hier staat al ’n heel stuk. Lees dat eens over en schrijf het kort op. Hier is nog een boek, kijk eens, hier staat nog een stuk. Verder kun je daar en daar nog meer Vinden. En dan staat hier een grote doos, daarin zitten allerlei plaatjes die je uit kunt knippen”. Zo ging ze nog een tijdje door, totdat ik van mijn verbazing bekomen was en in een “opgemaakt bedje” stapte. Aan haar, heb ik mijn examen succes te danken.
Haar naam was Toos Roovers.

Ik was dat kind verschrikkelijk dankbaar en toen ze dat jaar slaagde miste ik haar erg. Maar het leven gaat verder en we gingen ieder “ons weegs”. Ik verloor haar uit het oog. Tot ik trouwde en in Amsterdam ging wonen. We kregen een dochtertje en een zoontje Maar aangezien je met kindertjes niet voorzichtig genoeg kan zijn: vond ik het wel nuttig om aan O.L. Heer een beetje bijstand te vragen in de opvoeding. Dus om alle rampen te voorkomen: ze moesten de Blasius-zegen hebben. Zo toog ik naar de kerk met mijn twee spruiten, Maria 2 ½ en Peter baby. In de kerk waren al moeders vertegenwoordigd met allemaal lieve kindertjes, die stil en lief bij mama bleven. Mijn ondernemende dochter evenwel nam de benen. Ik, de baby op arm, kon niet veel uitrichten,  Maar Maria klom bank in, bank uit, liep heen en weer en was niet te remmen. Komt er ineens een mevrouw tussen de andere vandaan, zegt “dat ik zal wel even opknappen” pakt Maria in lurf en zet haar bij mama neer en zegt (met twee zwarte ogen) “ziezo. en nu lief blijven staan”. Maria stomverbaasd…. ik ook en……. je raadt het al….. die moeder was (doortastend, zoals vanouds)Toos Roovers!

Inmiddels mevrouw molenaar geworden. Laat ik haar daar nu terugvinden! Zij had mij al gezien maar ik had haar nog niet herkend . En toen bleek dat we vlak bij elkaar woonden. Dat was even bijpraten! De kinderen speelden reuzeleuk samen, verjaardagen vierden we en toen bleek ook nog dat Toos en ik op dezelfde dag jarig waren. André paste volkomen in de vriendschap. Ik vond het heerlijk om naar jullie toe te gaan. We kregen er ook nog een paar kindertjes bij zo nu en dan, dat werd gevierd dat begrijp je. Als ik weg moest, ontfermde Toos zich over mijn baby en dat dat niet gemakkelijk was, weet ze nu nog!! Toen we naar West verhuisden in Amsterdam verhuisden Toos en André gelukkig mee, toen woonden we weer dicht bij elkaar. Inmiddels wonen we verder uit elkaar, maar deze vriendschap gaat nu nooit meer over, al zou er een land tussenliggen. Lieve Toos en André, wij wensen jullie een prachtig feest en nog heel veel jaren in gezondheid samen.

xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

Gevraagd voor Zondagavond:
 net meisje voor de afwas

Voor een nieuwe hoed
Eerst een vuur gloed
                  (de brandverzekering)

(uit feestprogramma maart l955)